balloonhead

Ik had deze blogpost volledig kunnen wijden aan mijn modewekenavonturen, maar in plaats daarvan besloot ik het te hebben over mijn dikke kop. Bij dat onderwerp voelen we ons allemaal wat minder comfortabel, en ik ben niet graag de enige die zich ongemakkelijk voelt wanneer ik naar mijn leven kijk.

Ik heb altijd onrealistische complexen gehad. Zo lig ik totaal niet wakker van mijn enorm achterwerk, maar kan ik wel huilend drie tandartsen aflopen omdat ik ervan overtuigd ben dat een bepaalde tand scheef staat. Ik heb een obsessie met de stevigheid van mijn bovenarmen terwijl de eerste lijntjes op mijn voorhoofd me meer zorgen zou moeten baren – of misschien beter niet. En zonder ook maar één keer in mijn leven naar een pedicure te zijn geweest om die godsgruwelijke knobbeltenen van mij onder handen te laten nemen verlies ik bijzonder veel slaap aan het piekeren over mijn rond (eigenlijk ovaal) hoofd.

Ziet u, ik heb een gezicht waaraan alles af te lezen valt. Elke koolhydraat die ik binnenkrijg nestelt zich als een uitgeputte hotelgast in een van mijn kinnen terwijl iedere vetcel me letterlijk tussen de oren komt te zitten. Althans, dat is toch wat ik in de spiegel zie. ‘Zwelkop’ noem ik het fenomeen en telkens ik er last van heb weiger ik te glimlachen uit angst dat mensen zichzelf zullen verliezen in het vleselijk origamispel waarin mijn gezicht zich op zo’n moment kan plooien. Zwelkop beheerst nu al een dikke tien jaar mijn leven en het gaat zelfs zo ver dat ik een dag voor een belangrijke date of een fotomoment weiger te eten teneinde mijn kinnenteller toch maar iets naar beneden te krijgen.

Insert actuele aanleiding. Enkele uren geleden had ik mezelf alweer teleurgesteld en zat ik in een terminalwaas tussen Londen en Milaan koekjes te vreten en te jammeren dat ik morgen met een ballonsmoel op de Delvauxcocktail zou moeten verschijnen. Open, eerlijk en op aandacht belust als ik ben deelde ik mijn tragische lot op Twitter. Ik kreeg meteen het antwoord dat een glas lauwwarm water met citroensap dat probleem zou moeten verhelpen. De uitleg bevatte woorden als zuurtegraad (dénk ik), maar ik vind het verdacht dat zo’n simpele oplossing me eindelijk kan afhelpen van dat wat me nu al jaren dwarszit. Knolwezen. Ballonsmoel. Plofmuil. Zwelkop.

Aangezien ik ergens “liever lui dan moe” op mijn hartstreek getatoeëerd heb en ik te bang ben om mijn vinger achter mijn huig te haken besloot ik de raad op te volgen. Weet dan ook zeer goed, geachte adviseur, dat ik hiervoor in mijn pyjama naar de nachtwinkel ben gerend (voor het citroensap, niet voor het water) en ik nu ontzettend veel maagpijn heb. Ik dronk dan ook vier glazen met citroensap en verwacht morgen niet minder dan Slavische jukbeenderen en een kaaklijn waar Karlie Kloss jaloers op zou zijn. In afwachting daarvan eet ik nog wat koekjes.