balou

Idee: wanneer je jezelf even kwijt bent kan je beter iemand anders zijn. In mijn geval slemp ik al weken door mijn huis als Meneer Beer, een gigantisch berenpak dat toevallig mijn miserabel meisjeslijf bevat. Waar ik maanden geleden opvliegers zou hebben gekregen van de gemoedelijkheid waarin Meneer Beer me hult, kan mijn weke hart dit streelzacht pantser nu wel smaken. Weet dat ik zonet “knuffels voor de ziel” heb gebackspaced.

Meneer Beer helpt me niet met schrijven, met vrolijk zijn, met beslissen, maar dat wordt ook niet van hem verwacht. Meneer Beer mag horizontaal op de parketvloer liggen en zijn laatste restjes vrouwelijkheid verpanden aan een pak hagelslag dat op dramatische wijze leeggegoten wordt in zijn berenmuil. Meneer Beer mag commanderen – omdat ie er schattig uitziet als ie dat doet – en Meneer Beer moet geen propere kleren aan. Werkelijk, het enige wat ontbreekt aan mijn leven als Meneer Beer is een zielige soundtrack en, nouja, een donzige berenpenis.

Een mens kan zich echter niet achter een sponzen jumpsuit blijven verschuilen. Los van het feit dat Meneer Beer ondertussen een beetje geurt naar zweet en zure spaghettisaus ben ik enkele dagen geleden 27 geworden. Jim M. en Amy W. bewezen eerder al dat dit een mooie leeftijd is om je demonen onder ogen te zien.

Ik dwing mijn lichaam en geest dus in allerlei bochten en standjes, maar afgezien van een stel buikspieren en een gepolijst wereldbeeld weet ik voorlopig nog niet wat ik moet verwachten van deze therapie- en kungfusessies. Mijn best case scenario is dat ik in één van mijn zelfgegraven kuilen spring en ontdek dat ik eigenlijk liever misschien toch wel archeoloog was geworden.